Kwetsbaarheid

mrt 3, 2014

Rianne Immel is gastspreker en staat stil bij het thema kwetsbaarheid.

Bij binnenkomst hoor je muziek van (het IJslandse duo) Riceboy Sleeps. De (deze keer paarse) zaal is sfeervol aangekleed.

3 maart 2014 1

 

Rianne vraagt aan de bezoekers om een situatie van kwetsbaarheid in te beelden, en wat dat dan oproept. Vervolgens vraagt ze om een herinnering op te roepen waarbij iemand zich kwetsbaar toont naar jou toe, en wat dat oproept.

Rianne vertelt dat bij haar een gevoel van kwetsbaarheid niet zo fijn voelt, gevoelens van onzekerheid en angst geeft.
Dit is in tegenstelling tot de gevoelens die het oproept als een ander zich kwetsbaar naar haar opstelt. Dan voelt ze bewondering voor de moed en kracht en voelt ze zich vereerd dat de ander dit aan haar laat zien. Ze ziet het als een uitnodiging om daar zorgzaam, zorgvuldig en liefdevol mee om te gaan.

De onderzoekster Brené Brown heeft zich verdiept in verhalen van mensen over kwetsbaarheid. Het is de moeite waard om haar presentatie hierover te bekijken.

Rianne citeert uit Theodore Roosevelt toespraak ‘De man in de arena’. Daarna volgt een fragment van een gedicht van de Poolse dichteres Wislawa Szymborska ‘Gesprek met een steen’ uit de bundel Zout, 1962;

Ik klop op de deur van een steen.
‘Ik ben het, doe open.
Ik wil in je binnenste gaan,
met jou mijn longen vullen.’
‘Ga weg,’ zegt de steen.
‘Ik ben hermetisch gesloten.
Zelfs aan stukken geslagen
zullen we hermetisch gesloten blijven.
Zelfs fijngewreven tot zand
zullen we niemand binnenlaten.’

Ik klop op de deur van steen.
‘Ik ben het, doe open.
Ik kom uit louter nieuwsgierigheid
die alleen het leven kan bevredigen.
Ik ben van plan door je paleis te wandelen
en daarna nog blad en waterdruppel te bezoeken.
Ik heb niet veel tijd voor al die dingen.
Mijn sterfelijkheid behoort je te ontroeren.’

‘Ik ben van steen,’ zegt de steen,
‘en moet daarom mijn ernst bewaren.
Ik heb geen lachspieren.’

Ik klop op de deur van de steen.
‘Ik ben het, doe open.
Ik heb gehoord dat binnen grote lege zalen zijn,
onbezichtigd en vruchteloos mooi,
verlaten en zonder echo van enige voetstap.
Geef toe dat je er zelf niet veel van weet.’

‘Ja, grote en lege zalen,’ zegt de steen,
‘daar is alleen geen plaats.
Mooi, wellicht, maar dat gaat de smaak
van jouw gebrekkige zintuigen te buiten.
Je kunt me leren kennen, maar ervaren nooit.
Mijn hele oppervlak keer ik jou toe,
met mijn hele binnenste lig ik afgewend.’

Ik klop op de deur van de steen.
‘Ik ben het, doe open.
Ik zoek in jou geen toevlucht voor altijd.
Ik ben niet ongelukkig.
Ik ben niet dakloos.
Mijn wereld is een terugkeer waard.
Ik kom en ga met lege handen.
En als bewijs dat ik er werkelijk ben geweest,
kan ik niets anders laten zien dan woorden
die niemand zal geloven.’ (fragment)

Het doorgeefvoorwerp is een prachtige steen: van buiten een gewone, grijze steen, de binnenkant is sprankelend. De muziek Metamorphosis Two van Philip Glass klinkt.

3 maart 2014 2

3 maart 2014 3

Daarna leest Rianne een verhaal van Toon Tellegen voor over de eekhoorn en de olifant die een val uit de boom riskeren voor één mooie danspas.

Tenslotte vraagt Rianne aan de bezoekers om met de buurman of –vrouw in gesprek te gaan aan de hand van een persoonlijk voorwerp dat zij bij zich dragen. In de zaal ontstaat een geroezemoes van gesprekken.

Er wordt voorgelezen uit het Boek van Zorg en Verlangen.

Ciel sluit de bijeenkomst af met de opmerking dat voor haar het tonen van kwetsbaarheid begint met het kwetsbaar mogen zijn naar jezelf en dat het tonen ervan dan afhangt van (de houding van) de ander.

Na de gong is het tijd voor koffie en thee!